Wat zeggen wetenschappers over de afschaffing van het referendum? | Meer Democratie

Wat zeggen wetenschappers over de afschaffing van het referendum?

Wat zeggen de leidende politicologen, bestuurskundigen, staatsrechtgeleerden en communicatiewetenschappers over de afschaffing van het referendum? Zij die over referenda publiceren? 

Populisme en referenda

“Wat ze het meeste vrezen – bijtend populisme – geven ze voeding, en wat ze het meeste nodig hebben – revitalisering van onderop – duwen ze verder van zich af. De afschaffers zouden weleens pijnlijk in eigen voet kunnen schieten. (…) Met het niet verbeteren maar rigoureus afschaffen van het Nederlandse referendum zal de populistische uitdaging niet verdwijnen én ook niet worden benut. Partijen met bijtende kritiek op de gesloten polderbubbel krijgen brandstof voor jaren.” – Franks Hendriks (Hoogleraar Vergelijkende Bestuurskunde, Tilburg University), ‘Behoud het referendum als nuttig ventiel voor onvrede’, NRC, 19 juni 2018

Effect op vertrouwen

“Zowel de terugwerkende kracht als de intrekkingswet zelf zal naar verwachting niet bijdragen aan de versteviging van het vertrouwen in de politiek.” – Philip van Praag (Universitair Hoofddocent Politicologie, Universiteit van Amsterdam), Expert meeting Eerste Kamer, 27 april 2018

“Deze intrekkingswet kan toch politiek worden gezien als een wet die politieke spelregels wijzigt in het voordeel van de politiek en in het nadeel van de burgersamenleving. De politiek is een grosso modo – dat weten we allemaal – een toch hogeropgeleide groep die in dit geval ongeveer de helft van de universitair geschoolden aan zijn zijde weet en de rest grosso modo niet. Dat geeft ook wel aan hoe gevoelig dit ligt.“ – Frank Hendriks (Hoogleraar Vergelijkende Bestuurskunde, Tilburg University), Expert meeting Eerste Kamer, 27 april 2018

Demofobie

“Het getuigt van een zekere angst voor de eigen bevolking.” – Matt Qvortrup (Hoogleraar Toegepaste Politicologie, Conventry University), ‘Leve het referendum’, NRC NEXT, 24 februari 2018

“Er is sprake van bangmakerij, dedain en achterdocht jegens kiezers, en van beperking van hun inspraak via deze afschaffing. Waarbij, middels een truc, hen ook nog eens inspraak bij die afschaffing wordt ontnomen. Moeilijk voor te stellen dat dit géén negatief effect zou hebben op steun voor ons democratische stelsel – vooral onder laagopgeleiden, waar die steun al relatief gering is.” – Joost van Spanje (Universitair Hoofddocent Politieke Communicatie, Universiteit van Amsterdam), Referendum en vertrouwen, Joop, 2 april 2018

“Juist omdat de politiek met deze intrekkingswet kwetsbaar is voor het verwijt de spelregels te wijzigen in eigen voordeel is het voor de democratische legitimiteit cruciaal om te kiezen voor de koninklijke weg van goed bestuur. Met normen die voorbij het minimale gaan. Normen die op andere momenten ook aan anderen worden voorgehouden. Bij die koninklijke weg zou bij mij ten minste het volgende passen: allereerst, de referendumwet volgens plan evalueren zoals ooit is aangekondigd en het advies van de staatscommissie meenemen in een proces dat fatsoenlijk wordt afgerond en niet op voorhand al wordt afgekapt. En daarnaast, bij het eventueel doorzetten van de intrekkingswet referendabiliteit toestaan en niet met terugwerkende kracht trucs onmogelijk maken. Geef de burgersamenleving ten minste de kans om zich uit te spreken en grijp dan ook de gelegenheid om met een goed verhaal te komen. Met een beter verhaal dan wat nu op tafel ligt.“ – Frank Hendriks (Hoogleraar Vergelijkende Politicologie, Tilburg University), Expert meeting Eerste Kamer

Oekraïne-referendum

“Zonder beter verhaal over het referendum blijft het beeld hangen van een regering die vooral zelf geen nieuwe tik op de vingers wil riskeren, zoals in 2016 bij het Oekraïne-referendum. (…) Over het samenstel van democratische instrumenten moet op stelselniveau en met oog voor de lange termijn worden nagedacht, niet op het microniveau van tijdelijke coalitiebelangen en politieke gevoelens.” – Frank Hendriks (Hoogleraar Vergelijkende Bestuurskunde, Tilburg University), ‘Rutte III mag in de Senaat wel met een beter verhaal aankomen over het referendum’, De Hofvijver 8.83, 26 februari 2018

“De motivering voor de intrekkingswet die stelt dat het Oekraïne-referendum aantoont dat de wet niet heeft gebracht wat ervan verwacht werd is vanuit wetenschappelijk perspectief om meerdere redenen niet overtuigend: de ervaring met slechts één referendum is een ongeschikte basis om conclusies over de wet in algemene zin te trekken, belangrijke verwachtingen zijn juist wel waargemaakt, en eventueel niet waargemaakte verwachtingen zijn niet het gevolg van de wet als zodanig maar eerder van de wijze waarop het eerste referendum onder deze wet is uitgevoerd.” – Martin Rosema (Universitair docent Politicologie, Universiteit Twente), Expert meeting Eerste Kamer, Position paper, p. 8 

Referenda en concensusdemocratie

“Juist in ons veelpartijenstelsel, waarin het voor kiezers nauwelijks mogelijk is vooraf invloed te hebben op beleid vanwege de vele noodzakelijke uitruilen en compromissen (in welk partijprogramma stond ook alweer het voorstel tot afschaffing dividendbelasting?), is het goed de mogelijkheid te hebben om via een referendum een heroverweging te vragen van een besluit of een wet.” – Wim Voermans (Hoogleraar Staats- en Bestuursrecht, Universiteit Leiden), ’Leer eerst met referendumwet omgaan voordat je ’m afschaft’, NRC, 8 november 2017

“De praktijk van het raadgevende referendum in veel Nederlandse gemeenten laat zien dat het referendum op verzoek van burgers een aantal functies vervult die van wezenlijk belang zijn voor een democratisch stelsel” – Philip van Praag (Universitair Hoofddocent Politicologie, Universiteit van Amsterdam), Expert meeting Eerste Kamer, Position paper, p. 2

“Dieper gelegen zien we de werking van een tamelijk achterhaalde democratieopvatting die de Haagse politiek al veel langer en breder in de greep houdt. Centraal hierin staat de gedachte dat vertegenwoordigende democratie slecht samengaat met directe democratie, gevoegd bij de overtuiging dat in democratie hoofdzakelijk moet worden meegewerkt.” – Frank Hendriks (Hoogleraar Vergelijkende Bestuurskunde, Tilburg University), Expert meeting Eerste Kamer, Position paper, p.2

“Een raadgevend correctief referendum staat niet op gespannen voet met de consensusdemocratie.” […] “Het correctief raadgevend referendum zorgt voor een (bescheiden) inperking van de macht van de regeringspartijen en versterkt (bescheiden) de machtspositie van de oppositie, wat in de politicologische literatuur als kenmerk voor de consensusdemocratie wordt beschouwd” – Martin Rosema (Universitair docent Politicologie, Universiteit Twente), Expert meeting Eerste Kamer, Position paper, p. 3

“En in verband met het referendum kan ik hier nog aan toevoegen dat in landen met referenda politieke partijen in staat worden gesteld om op deelonderwerpen opnieuw campagne te voeren. Burgers er bij te betrekken – onze partijen doen dat om één of andere reden niet – maar in Zwitserland of in Noorwegen gaan partijen campagne voeren rond referenda. Want dan kunnen ze zich profileren waar zij staan en dat versterkt die partijen. Het versterkt de representatieve democratie. Daardoor komen er meer leden.” – Tom van der Meer (Hoogleraar Politicologie, Universiteit van Amsterdam), Studium Generale, 18 oktober 2017

Kloof tussen hoger- en lageropgeleiden

“Wat je de afgelopen jaren ziet is dat het raadgevend referendum vooral erg belangrijk is voor groepen in de samenleving die weinig vertrouwen hebben in de politiek. Over het algemeen: lageropgeleiden, middelbaar opgeleide kiezers. Die hechten grote waarde aan het referendum” – Philip van Praag (Universitair Hoofddocent Politicologie, Universiteit van Amsterdam), Expert meeting Eerste Kamer, 27 april 2018

“Juist de lager- en middelbaar opgeleiden maken minder gebruik van andere participatiekanalen. Juist zij worden door vertegenwoordigende organen inhoudelijk minder goed gerepresenteerd. En juist zij hebben minder vertrouwen in de politiek dan de hoogstopgeleiden. Wanneer de Wrr zonder heldere, overtuigende inhoudelijke motivatie niet-referendabel wordt verklaard, zien lager- en middelbaar opgeleide kiezers hun wantrouwen bevestigd.” – Tom van der Meer (Hoogleraar Politicologie, Universiteit van Amsterdam) e.a., ‘Natuurlijk een referendum over het referendum’, NRC, 17 februari 2018

Alternatieve participatiemiddelen

“Mijn stelling is dat er geen enkel instrument is dat de functies van het raadgevend referendum kan overnemen. Het raadgevend referendum heeft zich ontwikkelt tot een onvervangbaar instrument. Er is – wat mij betreft – geen alternatief.” – Philip van Praag (Universitair Hoofddocent Politicologie, Universiteit van Amsterdam), Expert meeting Eerste Kamer

“D66 spreekt wat al te makkelijk over burgerparticipatie als alternatief voor referendum. De meeste participatievormen vooraan het beleidsproces worden sterk gedomineerd door hogeropgeleiden. Referenda worden juist ook door lager- en middelbaar opgeleiden benut.” – Tom van der Meer (Hoogleraar Politicologie, Universiteit van Amsterdam)

“Het referendum afschaffen en in plaats daarvan lokale democratie versterken door middel van deliberatie en right to challenge is een beetje als zeggen: "we schaffen de werkloosheidsuitkeringen af, maar geen nood, we zullen de hypotheekrenteaftrek verdubbelen". Verkeerde doelgroep, mensen.” – Kristof Jacobs (Universitair docent Politicologie, Radboud Universiteit)

“Het referendum neemt een bijzondere positie in binnen het participatie-arsenaal van burgers. Doordat het referendum achterin het beleidsproces zit, functioneert het als belangrijk correctiemiddel achteraf. Het zorgt ervoor dat politici hun keuzes beter verantwoorden. Bovendien betrekt het referendum een veel grotere doorsnede van de bevolking bij de besluitvorming. Andere participatievormen zijn eerder een instrument voor welgestelde, hoogopgeleide burgers.” – Tom van der Meer (Hoogleraar Politicologie, Universiteit van Amsterdam) e.a., ‘Natuurlijk een referendum over het referendum’, NRC, 17 februari 2018

Interactie tussen burgers en politici

“Hoewel samenwerkingsvermogen een groot goed is, heeft een vitale democratie ook maatschappelijke tegendruk nodig. Wie denkt dat dit in een coalitiesysteem voldoende is gewaarborgd is naïef en blind voor de recente geschiedenis. In het interviewprogramma 'Kijken in de ziel' gaf oud-premier Wim Kok, exponent van coalitiepolitiek, ruiterlijk toe dat hij te weinig had meegekregen van de vragen over de multiculturele samenleving die in 'zijn' jaren '90 groeiden buiten de bubbel van de polderpolitiek.” – Frank Hendriks (Hoogleraar Vergelijkende Bestuurskunde, Tilburg University), ‘Rutte III mag in de Senaat wel met een beter verhaal aankomen over het referendum’, De Hofvijver 8.83, 26 februari 2018

“Als burgers aan de politiek laten weten dat ze overwegen een referenduminitiatief te starten staan politici in de praktijk meer open voor de bezwaren van burgers en nemen hun suggesties voor aanpassing of verbetering van de beleidsvoornemens eerder serieus.” – Philip van Praag (Universitair Hoofddocent Politicologie, Universiteit van Amsterdam), Expert meeting Eerste Kamer, Position paper, p. 2

Raadgevend karakter

“Kiezers blijken prima in staat het raadgevende karakter te erkennen.” – Martin Rosema (Universitair docent Politicologie, Universiteit Twente), Expert meeting Eerste Kamer, Position paper, p. 9

“Juist in Nederland is er veel te zeggen voor een raadgevend in plaats van een bindend referendum. Zo zijn we al lang gewend om serieus met adviezen om te gaan. Wij hebben bijvoorbeeld geen grondwettelijke toetsing van wetsvoorstellen door een rechter, zoals in andere landen, maar die toetsing wordt bij ons verricht door een adviserende Raad van State.” – Wim Voermans (Hoogleraar Staats- en Bestuursrecht, Universiteit Leiden), ‘Leer eerst met referendumwet omgaan voordat je ’m afschaft’, NRC, 8 november 2017

“Anders dan Ollongren stelde is het niet zo dat adviserende referenda automatisch meer verwarring en gedoe opleveren dan bindende referenda. Bovendien moeten we ons afvragen of het risico van verwarring grond kan zijn voor het afschaffen van een democratisch recht. Dan zouden we het kies-, petitie-, of demonstratierecht ook wel kunnen terugnemen. Algemene verkiezingen zorgen in Nederland ook vaak voor verwarring.” – Frank Hendriks (Hoogleraar Vergelijkende Bestuurskunde, Tilburg University), Rutte III mag in de Senaat wel met een beter verhaal aankomen over het referendum, De Hofvijver 8.83, 26 februari 2018

Referenda en stemmotieven

“Er [is] geen empirisch bewijs is dat kiezers in 2005 of 2016 of 2018 vooral tegen de regering stemden. Dit gebeurt ook nauwelijks in het buitenland. Integendeel, uit wetenschappelijk onderzoek blijkt geen aanwijzingen dat houdingen ten opzichte van de regering een grote rol spelen bij een referendum. Kiezers hebben allerlei overwegingen voor hun stem, maar zulke wraak is zeldzaam.” Joost van Spanje (Universitair Hoofddocent Politieke Communicatie, Universiteit van Amsterdam), ‘Referendum en vertrouwen’, Joop.nl, 2 april 2018

Steun voor referendum

“Nog altijd is een zeer ruime meerderheid uitgesproken voorstander, slechts een kleine minderheid uitgesproken tegenstander. Volgens het Nationaal Kiezersonderzoek 2017 is de verhouding 59 procent voor en 25 procent tegen. In cijfers van het SCP is zelfs 69 procent voorstander.” – Tom van der Meer (Hoogleraar Politicologie, Universiteit van Amsterdam) e.a., ‘Natuurlijk een referendum over het referendum’, NRC, 17 februari 2018

“De suggestie uit de motivering van het wetsvoorstel dat er weinig maatschappelijke steun is voor het instrument referendum is onjuist: uit alle wetenschappelijk onderzoek in de afgelopen decennia blijkt een ruime meerderheid juist voorstander van de mogelijkheid van een referendum (ook na het Oekraïne-referendum)” Martin Rosema (Universitair docent Politicologie, Universiteit Twente), Expert meeting Eerste Kamer, Position paper, p. 8

Referendabiliteit intrekkingswet

“Het voornemen om de intrekkingswet niet-referendabel te maken, vloeit niet logisch voort uit de argumenten van de regering voor de intrekkingswet zelf. Die argumenten zijn circulair, eenzijdig, of misplaatst.” Tom van der Meer (Hoogleraar Politicologie, Universiteit van Amsterdam) e.a. Natuurlijk een referendum over het referendum, NRC, 17 februari 2018

“Het niet-referendabel verklaren van de intrekkingswet zou getuigen van een dubbele kloof tussen volksvertegenwoordigers en hun achterban. Die uit zich dan niet alleen op inhoudelijke thema’s (steun voor het referendum), maar ook op de procedure (steun voor een referendum over het referendum). Het referendum is voor kiezers bij uitstek de manier om een dergelijke kloof te dichten.” – Tom van der Meer (Hoogleraar Politicologie, Universiteit van Amsterdam) e. a., ‘Natuurlijk een referendum over het referendum’, NRC, 17 februari 2018

Deliberatie

“Het feitelijk houden van een raadgevend referendum lokt een breed debat uit buiten de raadszaal of Tweede Kamer. Na een uitgebreid publiek debat is de kennis over het onderwerp bij de burgers behoorlijk gestegen. Deze publiek debat functie is winst voor de democratie. Er is geen ander instrument dat op vergelijkbare wijze tot een breed publiek debat kan leiden over een specifiek onderwerp.” – Philip van Praag (Universitair Hoofddocent Politicologie, Universiteit van Amsterdam), Expert meeting Eerste Kamer, Position paper, p. 2

Referenda en legitimiteit

“Ik zie echt een duidelijk verschil tussen de metrolijn die er in de jaren zeventig doorheen werd gedrukt en die tot massale rellen leidde, en de aanleg van IJburg, waarover een referendum werd georganiseerd. Iedereen had het over dat plan, bij de bakker, in de tram. Daarover is daarna nooit meer gedoe geweest.” – Philip van Praag (Universitair Hoofddocent Politicologie, Universiteit van Amsterdam), ‘Leve het referendum’, NRC NEXT, 24 februari 2018

Code van goed openbaar bestuur

“De handelswijze bij de intrekkingswet druist in tegen redelijke normen van goed democratisch bestuur. (…) . Enkele jaren terug heeft het ministerie van binnenlandse zaken een code voor goed openbaar bestuur opgesteld (…) en in die code worden zeven beginselen van goed bestuur genoemd, waarvan er ten minste vier in de knel komen bij de intrekkingswet: Legitimiteit, participatie, verantwoording en lerend vermogen.” Frank Hendriks (Hoogleraar Vergelijkende Politicologie, Tilburg University), Expert meeting Eerste Kamer

Rechtmatigheid

“Buiten discussie staat, dat die Intrekkingswet sec referendabel is. Art. 5 Wrr bevat namelijk een limitatieve lijst van wetten die vanwege hun onderwerp niet referendabel zijn. De Intrekkingswet valt daar evident buiten. Volgens de nog geldende Wrr zou de kiezer dan ook de gelegenheid moeten krijgen om ‘handtekeningen te verzamelen’ over die Intrekkingswet een referendum te doen organiseren.” – Roel Schutgens (Hoogleraar Algemene Rechtswetenschap, Radboud Universiteit), Expert meeting Eerste Kamer, Position paper, p. 1

“Zonder de bijzondere constructie was de intrekkingswet gewoon referendabel geweest. De inzet van deze bijzondere en niet noodzakelijke constructie van de terugwerkende kracht is staatsrechtelijk afwijkend en moet naar mijn inzicht ook inhoudelijk worden gerechtvaardigd. Ik vind dat de Raad van de State zich op dit punt zich misschien iets te ver terugtrekt.” – Geerten Boogaard (Universitair docent Staatsrecht, Universiteit Leiden), Expert meeting Eerste Kamer

“Dit is een ingrijpende constructie. Je grijpt in in de normale gang van zaken en dat moet inhoudelijk gerechtvaardigd worden. Zolang dat nog niet gebeurd is, is het rechtzekerheidsbeginsel in het geding.” – Geerten Boogaard (Universitair docent Staats- en Bestuursrecht, Universiteit Leiden), Expert meeting Eerste Kamer, 27 april 2018

Omgaan met de politieke minderheid

“Het betreft hier een lelijke kunstgreep om politieke tegenstanders de pas af te snijden door hun een democratisch recht te ontzeggen. De kunstgreep is evident in strijd met de bedoeling van wat de Wrr-wetgever nog maar kort geleden namens ons allen heeft geregeld. Ik ken overtuigendere voorbeelden van rechtsstatelijke zuiverheid, hoffelijkheid, generositeit en wetgevingskwaliteit.” – Roel Schutgens (Hoogleraar Algemene Rechtswetenschap, Radboud Universiteit), Expert meeting Eerste Kamer, Position paper, p. 3

“Daar staat echter tegenover dat voorstanders van het referendum op deze wijze de kans wordt ontnomen zich daarover uit te spreken via een procedure die de wetgever daarvoor relatief kort geleden juist had opengesteld en die bovendien het wezen vormt van het onderhavige wetsvoorstel tot intrekking. Erg sjiek is dat niet.” – Solke Munneke (Hoogleraar Staatsrecht, Rijksuniversiteit Groningen), Expert meeting Eerste Kamer, Position paper, p. 3

“De vraag is dus wat zijn dan die zwaarwegende belangen die rechtvaardigen dat de wetgever hier inbreekt in zijn eigen huis? Ik moet eerlijk zeggen dat ik ze persoonlijk in de discussie in de tweede kamer nog niet gezien heb, maar die bal ligt nu bij u. (…) Dit is niet alleen een politieke zaak, het is ook een juridische. En een typische voor de Eerste Kamer.” – Geerten Boogaard (Universitair docent Staatsrecht, Universiteit Leiden), Expert meeting Eerste Kamer

“Nu hebben de tegenstanders van referenda een hele nipte meerderheid om dat referendum in te trekken. Is het nou niet gewoon een beetje flauw om de voorstanders van referenda – die dat ongetwijfeld zullen willen proberen – de kans te ontnemen om een laatste keer aan te tonen dat er grote steun onder de bevolking dat er grote steun is voor dat referendum.” – Roel Schutgens (Hoogleraar Algemene Rechtswetenschap, Radboud Universiteit), Expert meeting Eerste Kamer, 27 april 2018

Referenderen kun je leren

“Omgaan met referenda kan je leren. Uit in het buitenland opgedane ervaringen blijkt dat referenda doorgaans beter werken als er een aantal is geweest. Het ligt meer voor de hand om het instrument te verbeteren na een grondige evaluatie dan om het direct af te schaffen.” – Tom van der Meer en anderen, Natuurlijk een referendum over het referendum, NRC, 17 februari 2018

Stemoproepen

“Dat raadgevend referendum is verre van perfect, zeker voor verbetering vatbaar. Maar het bruusk afschaffen is niet verstandig. Het is veel verstandiger om te zoeken naar verbeteringen van een correctief wetgevingsreferendum. Want ook een raadgevend referendum is uiteindelijk een correctief referendum.” – Frank Hendriks (Hoogleraar Vergelijkende Bestuurskunde, Tilburg University), Expert meeting Eerste Kamer

“Trek deze referendum niet nu in op dit moment. Er waren nog een paar dingen gepland – een evaluatie, een advies van de staatscommissie. Er zijn nog lessen te trekken.  Intrekken kan op een later moment ook nog. En als het dan zover komt, geef dan ook de mogelijkheid van een referendum erover.“ –  Frank Hendriks (Hoogleraar Vergelijkende Bestuurskunde, Universiteit Tilburg), Expert meeting Eerste Kamer, 27 april 2018